Keulen, van Funkhaus tot Wein am Rhein

Met Pepsi en Shirley reis ik af naar het Duitse Keulen. Shirley is wat verlaat door een sterretje in haar voorruit. Anders is ze altijd stipt op tijd. Ze komt aan in een racemodel BMW, waar ik alleen uitgestrekt in pas. We rijden, kletsen en doen de Duitse dj’s na: ‘Und jetzt Coldplay mit die Chainsmokers’. Het pondspak drop, bedoeld voor de heen- en terugreis, is op voordat we op de helft zijn.

We logeren vlakbij de zwartgeblakerde Dom die dramatisch boven de stad uittorent. Wij hebben geen stappentellerdoelen en besluiten daarom de beklimming van de toren over te slaan. De eerste avond eten we in het Funkhaus, een restaurant met een fijne Duitse menukaart. We zitten laat aan tafel door het sterretje, dus we hebben hongerrrr. Bratwurst, kalkoen en aardappelpuree. Het toetje bestaat uit Duitse cheesecake en chocoladetaart met 5 lagen biscuit gedoopt in rum. Zo lekker, maar zó veel. Als de ober onze borden afruimt, die net niet helemaal leeg zijn, trekt hij zijn wenkbrauwen op. Dit is hij niet gewend. Pepsi, sensitief als altijd, signaleert dit en zegt ‘Hey, we are not Germans!’. Dit is hij ook niet gewend. Gepikeerd loopt hij weg. Gelukkig zijn we aan het eind van ons diner, de kelner irriteren die je eten serveert is nooit slim.   

Op zaterdag verkennen we de wijk Viertel. Leuke boetiekjes, koffietentjes en merken waar (alleen) ik nog nooit van heb gehoord. Ik speur naar dé platenzaak die een begrip is in Keulen. Een goed verstopt begrip. En volgens mij ook de enige. We zijn niet in Berlijn. Na een hele dag slenteren strijken we neer bij Wein am Rhein. De naam behoeft geen nadere toelichting. Desondanks bestel ik een biertje. Ik krijg meteen een halve liter geserveerd. Gelukkig heb ik dorst en hoeft Pepsi de kelner niet aan te vallen.

Het Chocolademuseum, een populaire Keulse highlight, blijkt enorm saai. Wij houden alle drie veel van chocola, maar vooral om het op te eten. De chocoladewinkel is de echte highlight. Met goed gevulde tassen verlaten we het pand.

’s Avonds eten we in Beirut, een Libanees restaurant ergens in een achterafsteegje. Het eten is formidabel en de rest van de avond ruikt iedereen op afstand waar we gegeten hebben. Daarna gaan we op zoek naar een hippe tent voor een drankje. In dit deel van de stad heeft ‘hip’ een andere betekenis dan wij voor ogen hebben. We belanden in een tent waar we elkaar niet kunnen verstaan en waar ze strooien met shotjes. De wijn smaakt naar pis en de gin-tonics zijn aangelengd. Maar lol hebben we.

Dan is onze city trip alweer om. Conclusie: leuke stad, je kan er goed (en veel) eten en winkelen. En wij raken nooit uitgepraat. Dat is dan wel de fijnste conclusie. Wordt vervolgd.

Volgende keer? Something just like this
https://www.youtube.com/watch?v=FM7MFYoylVs

 

Share This:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *